
Onderzoekers van de University of British Columbia en BC Children’s Hospital in Canada hebben patiënt-afgeleide xenograftmodellen ontwikkeld die gepersonaliseerde behandelingen voor kinderen met kanker kunnen ondersteunen. Hun studie, gepubliceerd in EMBO Molecular Medicine, toont aan dat het combineren van proteomische analyse met genomische technieken nieuwe mogelijkheden biedt voor op maat gemaakte kankerbehandelingen. In een casus met een zeldzame en therapieresistente kinderkanker identificeerden de onderzoekers een enzym, SHMT2, als drijvende kracht achter tumorgroei en vonden ze dat het antidepressivum sertraline de tumorgroei kon remmen.
Kindertumoren hebben een sterk afwijkend moleculair profiel vergeleken met tumoren bij volwassenen, wat de ontwikkeling van effectieve therapieën bemoeilijkt. Daarom is er een groeiende behoefte aan specifieke diagnostische methoden en behandelingen voor pediatrische tumoren. De studie laat zien dat proteomica, die eiwitten en hun interacties in tumoren analyseert, waardevolle inzichten biedt die genomische technieken alleen niet kunnen verschaffen.
De onderzoekers richtten zich op een patiënt met een epitheliaal thymoom van het spoelcellige type (‘spindle epithelial tumor with thymus-like elements’, SETTLE), een zeldzame en moeilijk behandelbare vorm van kanker. Na het falen van conventionele chemotherapie gebruikten zij proteomische analyse om SHMT2 te identificeren als een cruciale factor in de tumorgroei. Dit leidde tot preklinisch onderzoek met xenograftmodellen, waaronder een muismodel en een model op een kippenei, waarin sertraline effectief bleek in het stoppen van tumorgroei. Hoewel de patiënt baat had bij de behandeling, was deze niet genezend, maar de studie toont het potentieel aan van proteomica in de besluitvorming over gepersonaliseerde behandelingen.
Genoomgestuurde precisie-oncologie heeft tot nu toe beperkte successen geboekt. In de MAPPYACTS-trial reageerde slechts 16% van de kinderen met een gerichte therapie met partiële of complete remissie. Proteomische analyse biedt een aanvullende strategie door dieper inzicht te geven in de tumorbiologie en alternatieve behandelopties te identificeren. In Canada wordt deze aanpak al verkend binnen projecten zoals het PRecision Oncology For Young peopLE (PROFYLE)-initiatief, dat proteomica integreert in de prioritering van therapeutische doelen bij kinderkanker.
In Nederland worden kinderen met kanker behandeld binnen het Prinses Máxima Centrum, waar precisiegeneeskunde een belangrijke pijler is. Genomische profilering wordt reeds ingezet om behandelingen te personaliseren, maar proteomische technieken worden nog nauwelijks toegepast in de klinische praktijk. Met een incidentie van ongeveer 600 nieuwe gevallen van kinderkanker per jaar in Nederland, waarvan een deel niet reageert op standaardtherapieën, kan een bredere implementatie van proteomische analyse de behandeluitkomsten mogelijk verbeteren.